Foto: Kadir van Lohuizen
Foto: Kadir van Lohuizen

In Delta Uno, Peru, heeft de goudkoorts toegeslagen. De slachtoffers: het milieu en de meisjes die tot prostitutie worden gedwongen.

Op Google Maps is Delta Uno nog niet te zien. De laatste keer dat de kaarten van het Amazonegebied in zuidelijk Peru een update kregen, bestond het dorpje nog uit zes huizen. Een paar jaar later is het gehucht uitgegroeid tot een vestiging met 6500 inwoners, waarvan ongeveer de helft bestaat uit mijnwerkers en de andere helft uit prostituees.

De staat Madre de Dios, waarin Delta Uno ligt, is sinds enkele jaren in de greep van een eenentwintigste-eeuwse goudkoorts die van Peru de op vier na grootste goudproducent ter wereld heeft gemaakt en al veertigduizend mijnwerkers naar het gebied heeft gelokt. Goudwinning is hier bijzonder lucratief: er is véél goud, het is relatief makkelijk te delven en door de recessie heeft de goudprijs sinds 2008 een ongelofelijke vlucht genomen. De winning van een troy ounce goud (zo’n 31 gram) kost tussen de vierhonderd en vijfhonderd dollar en brengt zo’n vijftienhonderd dollar op.Maar het milieu betaalt de prijs voor deze booming business. Madre de Dios wordt be­schouwd als de bron van de Amazone en kent een bijzonder grote biodiversiteit. De ontbossing voor goudmijnen gebeurt op zo’n grote schaal dat ze vanuit de ruimte te zien is. Ook de vervuiling die de mijnactiviteiten met zich meebrengen is gigantisch. Om goedkoop en gemakkelijk goud te winnen, maken de mijnwerkers gebruik van kwik, dat in de lucht en in het water belandt. Naar schatting komt er in de regio jaarlijks vijfendertig ton van het giftige materiaal vrij.

Wild Westen

Hoewel de mijnactiviteiten illegaal zijn, doet de Peruaanse regering er weinig tegen. Toen een nationale krant eind 2009 de noodklok luidde, bracht dat een landelijke golf van verontwaardiging teweeg. Maar een poging om een mijnvrije zone te creëren in Madre de Dios stuitte op gewelddadige demonstraties van mijnwerkers, waarbij zes doden vielen. Sindsdien houdt de staat zich afzijdig en blijft de goudproductie groeien, ongeregistreerd en zonder dat er belasting over wordt geheven. Lokale overheden worden rijk door de verkoop van openbare grond en zijn zelf betrokken bij de gouddelving.

Ondertussen is Madre de Dios uitgegroeid tot een soort Wild Westen, met wetteloze dorpen die zich rond de afgravingen hebben gevestigd. Delta Uno ligt aan de rivier Puquiri en is te bereiken per auto over de rivierbedding, die is uitgeput door mijnwerkzaamheden. Het plaatsje heeft een school, een kliniek en een flink aantal bordelen, maar geen politie, riool, elektriciteit of stromend water. Inwoners van Delta Uno komen veelal uit Cuzco, dat een paar honderd kilometer verderop ligt. Sommigen van hen zijn in dienst van grote bedrijven, waarvoor ze lange dagen maken voor een laag loon. Anderen zoeken naar goud in het afval dat de grote bedrijven achterlaten. Als buitenstaander is het bloedlink om in Delta Uno te komen, want de lokale overheden dulden geen pottenkijkers: alles wat met journalistiek of mensenrechten te maken heeft, is hier de vijand.

Uitgebuit

De duizenden prostituees in het dorp komen overal uit Peru vandaan, velen van hen zijn minderjarig. Naar schatting worden jaarlijks twaalfhonderd meisjes tussen de twaalf en zeventien jaar naar het gebied gesmokkeld. Ze worden gelokt met de valse belofte van goed betaald werk, of verkocht door hun ouders. De meeste meisjes komen aan zonder geld. Wie probeert te ontsnappen wordt verkracht en in de jungle achtergelaten.

In het naburige Mazuco is inmiddels een opvanghuis gebouwd voor verhandelde kinderen van tien tot achttien jaar. In 2010 werden er 72 kinderen opgevangen, de meesten van hen waren seksueel uitgebuit. Rosa van negen is de jongste bewoner. Samen met haar broer Tenorio (11) werd ze door haar ouders verkocht, hij om in de mijn te werken, zij om in een bordeel aan de slag te gaan. Doordeweeks wonen ze in het tehuis, in de weekenden gaan ze terug naar hun ouders.

 

Dit artikel verscheen 14 januari 2012 in Vrij Nederland

Kadir van Lohuizen reist voor zijn project ‘Vía PanAm’ van Tierra del Fuego, Zuid-Chili, tot Prudhoe Bay in Noord-Alaska. Zijn fotoreportages, video en audio zijn te volgen via een speciale app. Zie: viapanam.org

14/01/2012

Leave a Reply